Meer gebruikers, langere sessies, hogere conversie en meer terugkerende abonnementen. Voor veel digitale platforms zijn het belangrijke indicatoren voor succes.
Maar wat gebeurt er wanneer die indicatoren steeds minder aansluiten bij wat klanten daadwerkelijk willen bereiken?
De ontwikkelingen op de datingappmarkt bieden een interessant voorbeeld. In een recent artikel beschrijft MT/Sprout hoe gevestigde spelers zoals Tinder en Bumble onder druk staan, terwijl nieuwe aanbieders met een ander businessmodel terrein winnen.
Wanneer het verdienmodel botst met de klantbehoefte
Bumble werd onlangs verkocht voor ongeveer 1,3 miljard dollar, minder dan een tiende van de waardering bij de beursgang in 2021. Ook Tinder kampt met dalende omzet en minder betalende gebruikers.
Volgens de cijfers in het artikel kromp de wereldwijde datingappmarkt in 2025 voor het eerst licht, van 6,18 naar 6,02 miljard dollar.
Een belangrijke verklaring is de groeiende vermoeidheid onder gebruikers. Eindeloos swipen, oppervlakkige contacten en teleurstellende ervaringen sluiten steeds minder aan bij de behoefte om daadwerkelijk iemand te ontmoeten.
Daar zit een fundamentele spanning in het businessmodel. Een datingplatform verdient doorgaans aan abonnementen, advertenties en betaalde functionaliteiten. Het heeft daarmee een economisch belang bij blijvend gebruik, terwijl de klant uiteindelijk juist een succesvolle relatie zoekt.
Een ander verdienmodel leidt tot andere keuzes
Het Nederlandse Breeze kiest een andere benadering. Gebruikers betalen niet voor een abonnement, maar voor een daadwerkelijke date. Na een match helpt het platform om een ontmoeting te organiseren.
Volgens MT/Sprout groeide het aantal gebruikers van Breeze het afgelopen jaar met 40 procent tot 300.000. Het aantal georganiseerde dates steeg eveneens met 40 procent, tot 36.000 per maand.
Dat bewijst niet automatisch dat het ene businessmodel op alle fronten beter is dan het andere. Breeze investeert bijvoorbeeld nog fors in internationale groei. Maar het verschil in uitgangspunt is interessant: het platform koppelt zijn inkomsten directer aan een stap richting het doel van de gebruiker.
De les voor CFO’s en CIO’s
Dit vraagstuk speelt in veel meer sectoren dan alleen de datingmarkt.
Organisaties investeren in Business Intelligence, data-analyse en AI om prestaties te verbeteren. Daarbij worden dashboards ontwikkeld, processen geoptimaliseerd en voorspellende modellen ingezet.
Maar technologie optimaliseert wat we haar laten meten. Wanneer de gekozen KPI’s vooral interne efficiëntie, systeemgebruik of omzet op korte termijn weerspiegelen, bestaat het risico dat we steeds beter worden in activiteiten die onvoldoende waarde toevoegen voor klanten.
Voor CFO’s betekent dit dat financiële prestaties niet los kunnen worden gezien van duurzame klantwaarde. Een hoge klantretentie kan bijvoorbeeld wijzen op tevredenheid, maar ook op overstapdrempels of een gebrek aan alternatieven.
Voor CIO’s ligt er een vergelijkbare uitdaging. De beschikbaarheid van steeds geavanceerdere technologie maakt het verleidelijk om bestaande processen verder te automatiseren. Maar de eerste vraag zou moeten zijn of die processen en hun doelstellingen nog wel passen bij wat klanten nodig hebben.
Dat vraagt om samenwerking tussen Finance, IT en de business. Niet alleen om vast te stellen welke KPI’s technisch meetbaar zijn, maar vooral welke resultaten daadwerkelijk iets zeggen over klantwaarde en toekomstbestendigheid.
Van procesoptimalisatie naar waardeoptimalisatie
Bij Caronne geloven we dat technologie pas waardevol is wanneer deze bijdraagt aan betere beslissingen, betere dienstverlening en een effectievere organisatie.
Onze visie
Mens in plaats van massa sluit daarop aan. Technologie kan helpen om dienstverlening schaalbaar en efficiënt te maken, maar mag de werkelijke behoeften van klanten en medewerkers niet uit het oog verliezen.
Daarom is het bij digitale transformatie belangrijk om niet alleen te vragen hoe we bestaande processen sneller kunnen uitvoeren, maar ook of we nog de juiste processen en resultaten nastreven.
Dat geldt zeker voor AI. Een algoritme kan uitstekend optimaliseren op de doelstelling die het krijgt. Maar het bepaalt niet vanzelf of die doelstelling ook de juiste is.
De belangrijkste vraag is daarom niet of onze KPI’s verbeteren, maar of we daarmee ook de waarde voor onze klanten vergroten.
Wie die vraag niet regelmatig stelt, loopt het risico met steeds slimmere technologie een businessmodel te optimaliseren dat langzaam zijn relevantie verliest.
(MT Sprout,
artikel, 2026-10-20)